Spanje: Ibiza - Het geheim van de Middellandse Zee (28-12-2009)
We vallen van de ene verbazing in de andere. Een wrak zo groot dat je er in een week nog niet op bent uitgedoken, een vuurtoren die in het water is gevallen, eeuwenoude ankers, Romeinse tegels en een rijkdom aan vis die voor de Middellandse Zee ongewoon is. Ibiza: dat is feest onder water.
Ramkoers Toch is dat precies wat er gebeurde op de vroege ochtend van 11 juli 2007, op een steenworp afstand van de haven van Ibiza Stad. Terwijl een paar kilometer verder duizenden jonge toeristen aan het feesten zijn in de grote clubs van Ibiza (zoals de Pacha en Amnesia) zet de stuurman van de 142 meter lange Don Pedro een foute koers uit en ramt hij het vrachtschip op het rif bij het eilandje Dado Grande. Het schip was net vertrokken voor de overtocht naar het vasteland van Spanje. Met een scheur van zeven meter in de romp vond het vrachtschip in drie kwartier tijd een laatste rustplaats op de bodem van de Middellandse Zee. De achttien bemanningsleden en twee passagiers wisten door gebruik van de reddingsboten het vege lijf te redden. Het ongeluk was wereldnieuws. Zo’n 150 ton zware stookolie dreigde weg te lekken: een ramp voor de witte stranden waar Ibiza, naast het clubleven, zo bekend om is. En ook waren er grote zorgen over een container met lege batterijen die aan boord was. Alles bij elkaar kon de Don Pedro grote schade toebrengen aan de belangrijkste bron van inkomsten op het eiland: het toerisme. Daarom begon met spoed een grote schoonmaakoperatie, uitgevoerd door het bedrijf Sea Salvage uit Cartagena, geleid door de Nederlandse berger Tom Juijn. Samen met zijn zoon, (onderwater)fotograaf Hidde Juijn, maakte hij er een prachtig boek over, kortweg getiteld: Don Pedro. Zodra je het boek openslaat, wil je zelf ook naar de laatste rustplaats van dit indrukwekkende roro-schip van de Spaanse rederij Iscomar. Het verzoek van Australiër Nick Thompson en Engelsman Jason Hawkett om eens te komen duiken op Ibiza, in plaats van te feesten, was dan ook niet aan dovemansoren gericht. Nick en Jason zijn samen met de Italiaan Giampy Mancini eigenaar van Punta Dive, een duikschool gevestigd in het kleine plaatsje Es Canar aan de noordoostkust van het eiland. Hier hebben zij de beschikking over een twaalf meter lange Valiante RIB, voorzien van twee zware motoren. Een perfect duikschip! Sinds ruim een jaar geleden de lokale autoriteiten slechts een beperkt aantal duikcentra toestemming hebben gegeven het wrak te bezoeken, doet Punta Dive met regelmaat de Don Pedro aan.
El Maestro We krijgen aan boord een plekje naast Anton, een oude Amsterdammer die duiken op het eiland al jaren terug ontdekte en het grootste deel van het jaar op Ibiza verblijft. Elke ochtend meldt hij zich bij de duikschool, als hij maar kan duiken. Maar het mooiste vindt hij het toch als hij naar het wrak kan. «Ik kruip er gewoon in», vertrouwt hij ons toe. «Er is nog zo veel te vinden! Laatst had ik het overlevingspak van de kapitein te pakken.» El Maestro noemen ze de oude liefkozend bij het duikcentrum. Een eretitel, want hij kan duiken als de beste. Als iedereen allang weer met een lege tank aan boord is geklommen, scharrelt hij beneden nog rustig rond, zo gaat het verhaal. Het is dan ook El Maestro die de taak op zich neemt om de Valiante vast te maken. We speuren met zijn allen naar een witte boei die zes meter onder water ligt en via een dikke lijn verbonden is met het wrak. Eenmaal gespot, springt Anton met een lang stuk touw overboord om een paar knopen te leggen. Als die klus geklaard is, mogen wij te water.
Fotogenieke schroef In het heldere water zien we bij de afdaling al snel het wrak opdoemen. Een laagje algen bedekt de scheepshuid, maar als je goed kijkt, zie je op de gele verf nog steeds de naam Don Pedro staan in grote blauwe letters. Wat een reus! Het schip ligt op bakboordzijde, de zee is hier een meter of 45 diep. We duiken op de achterkant: de brug, de schroef, de verblijven van de bemanning. In de buurt van de boeg zullen we vandaag niet komen. We komen tijd te kort. Hoewel net binnen de limieten van een recreatieve duik, tikken de minuten veel te snel weg. Voor je het weet ben je in deco. En met een enkele twaalf liter op je rug is de gasvoorraad verre van oneindig. Buddy René maakt een draaiende beweging met zijn wijsvinger. Hij wil zo snel mogelijk naar de fotogenieke schroef. Terwijl we El Maestro door een klein luikje naar de ingewanden van het schip zien kruipen, zwemmen we nog een stukje verder naar beneden. Als René zijn platen schiet, bekijk ik een zware kabel die over een van de schroefbladen hangt en meters de diepte in gaat. Volgens de verhalen moet daaronder een container hangen, maar ik kan het gevaarte niet ontwaren. Die eerste duik zien we alleen de schroef uitgebreid en weten we: we zijn nog lang niet klaar met de Don Pedro. Aan de opstijglijn komen we Anton weer tegen. In zijn knuisten houdt hij een dik boekwerk vast. «Het scheepsjournaal», zegt hij als we weer aan boord zijn geklommen. Ruim twee jaar ligt de Don Pedro nu op haar laatste rustplaats. Inmiddels biedt het wrak onderdak aan een groeiende populatie dieren. Van kleine flabellina’s (kleurrijke naaktslakken) tot een grote school geelstaart seriola’s die om ons heen blijft cirkelen tijdens onze diepstop aan de lijn. We komen in de loop van de dagen nog veel verschillende soorten tegen, maar hebben tijdens onze duiken op de Don Pedro toch meer oog voor het imponerende wrak dat langzaam haar geheimen ontsluit.
Vuurtoren Giampy, die zich heeft opgeworpen als gids en gastheer, vindt dat we ook op andere plekken moeten duiken. «De Don Pedro is fantastisch, maar Ibiza heeft nog veel meer moois onder water te bieden», vindt hij. Op een middag neemt hij ons mee naar la Seca de Santa Eulalia, een ondiepte vlak voor de kust van Es Canar. «Een antiek wrak», mompelt hij tijdens de trip ernaartoe. «En een vuurtoren.» Dat laatste dringt niet helemaal tot ons door. We duiken langs typische zeegrasvelden, stuiten op de houten overblijfselen van een antiek schip en aan het eind van de duik botsen we ineens op El Faro. Oh, Giampy bedoelde een vuurtoren… Een grote nog wel! Op dit exemplaar hadden we de hele duik wel willen duiken. Het rondje langs de resten van dat oude wrak was nergens voor nodig.
Hippiemarkt We hebben een atypisch, maar plezierig verblijf op Ibiza. We logeren in Es Canar. Dit dorp is meer gericht op families en compleet anders dan Ibiza Stad en Sant Antoni, waar tot in de kleine uurtjes wordt gefeest. ´s Avonds drinken we een hierbas, de typische likeur van het eiland, in de dorpskroeg Casa Juan, terwijl oude Ibizianen vol vuur naar de wedstrijd Chelsea – Barcelona kijken. Of we bestellen een lekkere karaf sangria op het terras bij Zodiac en loungen aan de rand van het zwembad. Op een vrije middag maken we een lange wandeling langs een smal kustpaadje naar Santa Eulalia. Op het strand komen we Claudette Keuls tegen, de dochter van Yvonne Keuls. Deze kunstenares en schrijfster leidde een nomadisch bestaan, maar woont nu in een caravan op een landje samen met drie roodstaartpapegaaien. Ze kan uren vertellen over de rijke hippiegeschiedenis van het eiland. En op woensdag moeten we beslist een bezoek brengen aan de beroemde hippiemarkt op het terrein van Punta Arabi. Geen probleem, dat is vlak bij het resort waar we verblijven. Tussen de middag eten we steevast bij het eettentje Kiosco Fina naast de duikschool. Het aardige, oudere echtpaar dat de tent runt, maakt de lekkerste bocadilla’s van het eiland.
Romeinse tegels Maar we komen natuurlijk om te duiken. Giampy heeft na de vuurtoren nog meer verrassingen voor ons in petto. Deze duikstekken zijn negen van de tien keer ook prima geschikt voor minder ervaren duikers, mocht de Don Pedro net een maatje te groot voor je zijn. We bezoeken de Kathedraal, een grot in het klif bij Cala Llonga. Een indrukwekkende duik: we komen boven in een luchtkamer die zo groot is dat je er een Boeing 747 in kunt parkeren. Maar Giampy houdt van diep en neemt ons mee naar twee antieke ankers bij Tagomago, een eilandje ten noorden van Es Canar. De eerste vinden we op een diepte van tegen de veertig meter, de tweede op zo’n dertig meter. Bij Tagomago kun je op verschillende plekken oude Romeinse tegels vinden, kennelijk de lading van een schip dat hier ooit is vergaan. Op een windstille dag stuurt Giampy zijn boot naar buureiland Formentera, de kleinste van de Balearen, voor een duik op de gezonken viskwekerij Mariana. La Plataforma wordt de stek ook wel genoemd. Enorme zuilen rijzen op vanaf de zeebodem. De bovenrand van het platform is daar vanaf gegleden en hangt schuin in het water. Tussen alle stalen peilers en platen zwemt een grote school barracuda’s. Het lijkt alsof de vissen gevangen zitten, maar netten hangen er niet meer.
Een week is tekort Als de golven te hoog worden, maken we de tweede duik ´s middags meestal bij Isla Santa Eulalia, een rotsig eilandje op nog geen vijf minuten varen van de thuisbasis. Hier zijn geen wrakken te vinden, geen grotten, tegels of ankers. Maar dat geeft juist de gelegenheid om eens rustig het onderwaterleven te bekijken, zonder dat een groot stuk staal of antieke resten de aandacht afleiden. De rotswanden zijn van top tot teen begroeid met rode koralen (niet het echte bloedkoraal) en knalgele anemoontjes. In het zeegras vinden we enorme steekmosselen, wel vijftig centimeter groot. En naast een aanzienlijke hoeveelheid kleine vissoorten en regelmatig een inktvis of sepia, zien we ook de grote jongens, zoals barracuda’s, murenen en congeralen. Wie had kunnen denken dat een week duiken op Ibiza niet genoeg zou zijn? Het is met een gevoel van spijt, dat we onze spullen weer inpakken.
INFO IBIZA Duiken Op Ibiza kun je het hele jaar duiken, maar vanwege de stevige zeebries en oplopende golfhoogtes zijn niet alle duikstekken elke dag te bereiken. Wij bezochten het eiland in mei, het water was toen 16 graden Celsius. In de zomer loopt dit op tot een graad of 26. Wij doken met Punta Dive (www.puntadive.com), die meerdere vestigingen op het eiland heeft.
Slapen Wij verbleven in Punta Arabi in Es Canar, een resort dat vooral jonge Duitsers te gast heeft (www.azulinehotels.com). Er zijn ook tal van kleinschalige (familie)hotels en pensions op Ibiza te vinden.
Vliegen Rechtsstreekse vluchten boek je onder andere bij KLM en Transavia (Schiphol), Jetair (Brussel) en Air Berlin (Düsseldorf).
|